Heeten krijgt een taptoe met de absolute wereldtop

Gepubliceerd op 1 november 2019 10:53

Trompetgeschal en tromgeroffel. De wereldtop van de muziekkorpsen komt in mei naar Heeten. Fanfare St. Caecilia bestaat komend jaar honderd jaar en viert dat met een taptoe in het dorp. De vergunning is nog niet binnen, maar grote namen zijn al wel vastgelegd.


Fanfare St. Caecilia pakt komend jaar groots uit tijdens het honderdjarig bestaan. De fanfare uit Heeten heeft haar zinnen gezet op een een taptoe op de voetbalvelden van SV Heeten. Donderdag zitten leden van St. Caecilia om de tafel met de gemeente om de evenementenvergunning voor de taptoe door te spreken. De laatste horde voor groot eenmalig muziekevenement.

,,Vanaf maart zijn we al bezig om een taptoe in Heeten neer te zetten. Je kan je honderdjarig bestaan maar één keer vieren. Dan doen we het wel goed’’, zegt Jan Meijerink. Als bestuurslid is hij betrokken bij de commissie die de fanfare optuigde om Heeten een taptoe te bezorgen. ,,Er gaat al een behoorlijke tijd inzitten om te kijken welke korpsen je naar je taptoe wilt halen. Gerenommeerde korpsen hebben zonder een prijs te noemen een behoorlijk prijskaartje. Toch hebben we een lijst met grote namen staan.’’

Wereldtop
Zo heeft Advendo Sneek toegezegd op 16 mei op de velden van SV Heeten te marcheren. Het korps uit Sneek werd meerdere malen eerste tijdens het Wereld Muziek Concours. ,,Wereldtop. Beter ga je het niet krijgen’’, concludeert Meijerink. Ook grote namen in de taptoewereld als het Kamper Trompettercorps, Jubal Zwolle en het Pipercorps laten in mei van zich horen.

Met SV Heeten is de fanfare er al uit. Vanaf 19.30 uur zijn de voetbalvelden als het aan de sportvereniging ligt beschikbaar voor de taptoe. ,,Daar blijft het niet alleen bij’’, vervolgt Meijerink. ,,Voorafgaand gaan alle korpsen de straten op. Een zogenaamde streetparade. Ze lopen allemaal door verschillende straten om Heeten wakker te schudden.’’

De taptoe wordt een eenmalig muziekevenement. ,,Het organiseren kost veel tijd. Sinds maart zitten we elke twee weken bij elkaar. We doen het één keer. We zien het echt als iets groots om ons jubileum te vieren.’’

 

Bron de Stentor


«